Deel 1: “De ‘Ndrangheta’ economie in Brabant”.

Het is koud en de zon schijnt. Ik kijk naar buiten. Binnen op mijn bureau liggen klappers en aantekeningen. Het is alweer bijna 4 jaar geleden dat dit onderzoek startte. In de gesprekken die de afgelopen jaren werden gevoerd, de informatie die werd aangeleverd, leidde dit tot een overload aan informatie, waardoor je dreigde te verzuipen in een veelheid van ellende die op je bureau belandde.

De start was eigenlijk het begin op een vervolg van een eerder traject. Een complex traject waarbij burgers in aanraking waren gekomen met lokale mensen uit de zakenwereld en dito politiek. Personen die er volgens de regionale media toe doen. Mensen met statuur en wat je weleens noemt; ‘glimmende status’. Waarbij niet de vraag wordt gesteld: “Waar doet hij het van? Kan dit allemaal wel, als je het allemaal achter – of naast elkaar zet? Is dit niet heel veel toeval of geluk?”

In het eerdere traject was ervaring op gedaan met politici en ambtenaren die niet de waarheid spraken. Informatie weg lieten, verdraaide, verduisterde of op andere manieren ernstiger onrechtmatig handelden. Uiteindelijk was niet de grootste verwondering of schok dat dit, op een bijna stelselmatig manier plaats had gevonden. Nee, dat was het niet.

De grootste schok zat hem in het feit dat er werd gezwegen. Op een stelselmatige manier zwijgen. Zo erg dat er zelfs vanuit de hoogste lokale bestuurslagen werd gezegd: “Zo en nu is het wel goed geweest; wij hebben u gehoord! Klaar!”

Dat leidde er toe, dat je als mens je zegeningen gaat tellen. Daar waar je eerder door een retail-ondernemer was verteld dat die maandelijks geld moest betalen, ‘een soort bewakingsgeld’, zodat er dan niks zou gebeuren met zijn winkels. Of dat weer andere slachtoffers je uitgebreid vertelde over hoe zij als ondernemers in de horeca branche kapot waren gemaakt. Zij waren belazerd vanuit de lokale overheid. Een instituut die zelf werd afgeperst, of waar in ieder geval iets héél gruwelijk mis is aan het gaan was. Mis dat de onderwereld de leidend en sturende factor leek te zijn geworden, in allerlei gemeentelijke processen. En toen we de rechtelijke uitspraken lazen, die niet in de lokale media hadden gestaan, begonnen we toch wat bevreesd te worden. “Hoe kan dat nu weer?”

Het werd ons al snel duidelijk. Het werd erger toen de verbinding boven tafel kwam, waarbij ook werd aangetoond, dat de journalisten die zich met deze kwestie bemoeiden werden ‘geïntimideerd’. Ze verdwenen één voor één, langzaam of snel, uit beeld. Ze verdwenen uit dit media ‘speelveld’. Maar sommige journalisten niet. Die blijken van vaste waarde te zijn, in een aantal essentiële ketens. Zij fungeren als ‘het cement tussen de stenen’. Zij verkochten hun ziel en doden met hun pen ieder ander 2e, 3e, 4e democratisch geluid. Hun collega journalisten die weg gingen/moesten, kozen voor zichzelf. Of zo je wilt zeggen; “Ze capituleerden op hun manier, zonder dat het ooit nieuws was geworden..” Dit alleen al is een zeer ernstige kwestie.

En toch groeven we verder, weer wat dieper. Zo begonnen we geheel toevallig bij een wietshop, met dank aan Investico. Een verhuurder van horecavastgoed was het begin van deze draad. Die was weer verbonden met een makelaar, investeerder in een ander dorp in de regio. Daar vandaan zagen we weer een BV. Deze BV die leidde richting de grote stad Eindhoven. Daar kwamen we op een adres aan, in die keurig bekende groene laan van dé Brainport hoofdstad, bij ‘een ontwikkelaar’. Behalve ontwikkelen gebeurt er nog veel meer.

Zo kwamen we een bedrijf tegen dat zich toelegde op drugsanalyse. Allemaal binnen een kleine straal, in dezelfde directe omgeving. Stom toevallig.

“Brainport green washing street..”

Het gaat “vast goed” zeiden we weleens tegen elkaar, wanneer we weer ‘een nieuwe draad’ aan het analyseren waren. Een draad waarbij de FIOD weer een villa binnenste buiten had gekeerd. Waarbij, en de FIOD kan dat beter uitleggen, op een netwerk van bv’s en vaste werkadressen stuitte, in onze Brainport stad. Adressen waar blijkbaar veel geld doorheen ging, maar met erg weinig fysieke bedrijfsactiviteiten. Voor administratiekantoren is dat wel bijzonder.

De berg aan administratiekantoren doet het ergste vrezen. We vonden in één treintje dus een besmette advocaat, makelaar, administratie kantoor, financieel adviseur, ambtenaren en politici. Het administratie kantoor werd dus op een dag leeggehaald door de FIOD. Het leek geen directe relatie te hebben met het dossier. Wel leerden we weer bij. Het was een soort praktijk voorbeeld zoals je dit leest uit het boek van Tops en Tromp.

Oude plaats van delict indertijd..

Door de vele ‘research’ activiteiten, ga je anders kijken naar je eigen straat, de straat verderop, huizen, kantoren, mensen, auto’s, politici, etc., etc… Als je niet oppast word je gek. Blijf dus vooral ook leuke dingen doen.

Terwijl ik ook terugdacht aan allerlei cases, hoorde ik Willeke Slingerland op YouTube passeren en spreken over; “netwerkcorruptie ondergraaft de democratische rechtstaat.” Ik moest daarna ook denken aan die geselecteerde raadsleden en de familiebedrijven die doorgroeien en elkaar binnen de Provincie beginnen te beconcurreren.

We dachten verder na over het woningbouwvraagstuk en lazen de krant. Het ongelijke krachtenveld dat zich afspeelt in Eindhoven. Wat is hier aan de hand? Waarom is Eindhoven zo’n stille stad? Waarom werkt het plafond zo goed, dat er maar zo weinig naar buiten komt? Dat kan alleen als een aantal ‘families’ samenwerken.

Het deed mij ook terugdenken aan het eerste project. Het ging om iemand, die al “een grote jongen” was, maar nog verder wilde groeien. Hij speculeerde o.a. met grond. We noemen hem X. Het lukte X om te groeien. X is héél groot geworden. En X werkt met Y samen. Y is weer handig in de financiële constructies. En voor financiële constructies hier kiest men weer voor “de Curaçao route”. Een belastingtechnisch Hollandse handelsgeest.., waarbij belasting wordt ontweken/ontdoken, geld wordt weggestopt.

Ondanks al deze drukke werkzaamheden van deze bazen heeft men vaak voor zichzelf toch nog wat vastgoed in Eindhoven in bezit, om zelf te verpozen. Vaak staat dit vastgoed echter leeg let maar eens op. Wonen net over de grens is vele malen populairder. Eindhoven is op deze manier meer en meer een soort wingewest geworden. Vooral kleine verhuureenheden werken als een pin-/geldautomaat in deze verdienmodellen.

De Ndrangheta uit Brabant is niet dom. De stad, de wijk, maar ook juist het centrum, met een verdienmodel van veel kleine spelers, die elk ook hun verplichte rol dienstbaar vervullen, op deze wijze ‘hun brood verdienen’ en er het zwijgen toe doen. Ze vormen een onderdeel in een samenhangend netwerk.

En de politiek die maar lang vergadert en vaak heel zwijgend instemt. De ambtenaren die blij zijn met ronkende glossy’s, flitsende presentaties met rood wit logo en burgerinformatieavonden houden. Echt veranderen, vernieuwen heeft pas zin, wanneer deze vormen van betonrot structureel gaan worden aangepakt. De kans dat dit gebeurt is nihil.

Hoe u hier toch zelf wat aan kunt doen? Dat vertel ik u hopelijk volgende keer, of wellicht dat we toch nog eerst een aantal zaken moeten uitlichten.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.